[Kader 6] India: de controverse over het Enron Dabhol energieproject
De controverse over het Enron Dabhol energieproject in de Indiase staat Maharashtra speelt nu al tien jaar. Ze is al door diverse fases gegaan waarbij bijna ieder mogelijk twistpunt naar voren is gekomen. Naast Enron zijn nog twee andere Amerikaanse multinationals, Bechtel en General Electrics, betrokken bij het project.
Dabhol was het eerste geprivatiseerde en buitenlandse energieproject van India, en het grootste energieproject dat was gebaseerd op vloeibaar aardgas. De federale regering en het publieke nutsbedrijf gingen een overeenkomst aan tot een ‘Power Purchase Agreement’ (PPA) en nog andere overeenkomsten met Enron die lange tijd geheim werden gehouden. Toen plaatselijke organisaties zagen dat de elektriciteitsprijzen zo hoog waren en de overheid begon met het gedwongen aankopen van land voor het project, begonnen mensen zich te organiseren en op de plek van het project en op andere plaatsen in de staat te protesteren. Een grote groep ‘stake-holders’ is betrokken geweest bij diverse activiteiten die waren gericht tegen het project.
In antwoord hierop nam Enron op effectieve wijze het machinepark van de overheid over om alle protesten te smoren. De politie maakte openlijk gebruik van de middelen van Enron (waaronder de helikopter van het bedrijf) en paste bruut geweld toe op de demonstranten. Zoals in een rapport van Amnesty International beschreven wordt, bestormde de politie de huizen van plaatselijke vissers en sloeg zelfs kinderen, oude mensen en zwangere vrouwen in elkaar.
Toen er in fase 1 van het project elektriciteit werd geproduceerd, begon de façade van leugens uit elkaar te vallen. In oktober 2000 moest de regering toegeven dat Dabhol een zware last was. Het was duidelijk dat de totale betalingen aan Enron 1,3 miljard dollar per jaar zouden gaan bedragen, terwijl de totale jaarlijkse opbrengst van het nutsbedrijf slechts 2,4 miljard roepies was. Ook werd het duidelijk dat er geen vraag was naar de energie van Enron. De federale regering had Enron een betalingsgarantie gegeven, maar ze kon niet aan die verplichting voldoen, omdat haar eigen fiscale situatie nijpend was. Kortom, het werd iedereen duidelijk dat één enkel project het nutsbedrijf en de regering op de rand van een faillissement had gebracht. Toen de regering probeerde te onderhandelen met Enron ondernam het bedrijf juridische stappen.Uiteindelijk moest de staat, onder interne druk van linkse partijen en publiek protest, maatregelen nemen tegen het project en de OAE afzeggen. Enron haalde de onderste steen boven om Maharashtra onder druk te zetten om toe te geven. Het bedrijf ondernam juridische actie in Bombay, Delhi en Londen en zette enorme reclamecampagnes op. Het oefende druk uit via twee Amerikaanse presidenten en de Britse premier.
Het comité op hoog niveau dat door de federale regering was ingesteld bracht een rapport uit dat vernietigend kritisch was jegens Enron en de manier waarop het project was bekrachtigd. Het comité karakteriseerde het proces als “overheidsfalen op grote en stelselmatige schaal.”
Verder voegde het toe dat een dergelijk falen van de overheid op alle niveaus, op politiek en administratief gebied, en in de verschillende partijen, niet kan worden uitgelegd als toeval en het suggereerde dat er georganiseerde inspanningen moeten zijn gedaan om “ongepaste invloed” uit te oefenen. Zelfs Enron heeft deze beschuldiging op een onoplettend moment toegegeven, toen zijn wereldwijde vice-voorzitter aan het comité van het Amerikaanse congres vertelde dat Enron 60 miljoen dollar had uitgegeven om Indiase ambtenaren “op te voeden.”
Met de val van Enron Inc. in Amerika werden de werkzaamheden in India nog misdadiger. Hoewel er was aangekondigd dat Enron buitenlands kapitaal binnen zou brengen, had het bedrijf in feite voornamelijk geleend van door de overheid beheerde financiële instellingen in India. Enron begon dubbel spel te spelen met deze geldverschaffers. Het nam de microprocessoren weg die de centrales bestuurden zonder de geldverschaffers daarvan in kennis te stellen. Ook kwam aan het licht dat de opslagtanks voor nafta die door Bechtel waren gebouwd, lekten. Na talloze plaatselijke klachten moest Enron zijn eigen consultants aanstellen om de zaak te onderzoeken. De vervuilende stof was in dichtbijgelegen bronnen gelekt, en de consultants rapporteerden dat 80% van de bevolking die dit water dronk in het volgende decennium kanker zou kunnen krijgen. Het management van Enron veegde dit rapport onder het kleed en bleef liegen tegen de gerechtshoven, de regering en plaatselijke gemeenschappen.
Het verhaal van Enron is nog niet ten einde. De officieel aangewezen onderzoekscommissie moet nog met het onderzoek beginnen. Er zitten nog veel lijken in de kast. Maharashtra heeft een zware les geleerd over wat privatisering echt betekent. Het is nu duidelijk dat privatisering de beloofde hemel van efficiëntie en publieke voordelen niet waarmaakt. Het is waarschijnlijker dat de grote ondernemingen een schandelijk verbond aangaan met corrupte politici en ambtenaren en dat ze alle mogelijke onmenselijke en roofzuchtige middelen gebruiken om hun winst te maximaliseren.

.png)


.jpg)