Terug via de achterdeur
Kernenergie als oplossing voor klimaatprobleem?
Steeds vaker wordt gezegd dat kerncentrales goed voor het klimaat zouden zijn. Gezien de ernst van het klimaatprobleem zouden we nucleair afval en veiligheidsrisico's voor lief moeten nemen, om tenminste voor een overgangsperiode op een emissie-arme manier in de energievraag te kunnen voorzien. WISE heeft onderzocht in hoeverre deze redenering opgaat.
Klimaatverandering is een van de grootste milieuproblemen van de 21ste eeuw. Het beïnvloedt grote delen van natuur en maatschappij. Klimaatverandering vormt een bedreiging voor onder meer landbouw, ecosystemen, menselijke gezondheid en zoetwatervoorziening. Door de nucleaire industrie wordt klimaatverandering aangegrepen als een breekijzer om de kansen voor kernenergie te keren.
Bij het productieproces van kernenergie zijn echter grote hoeveelheden energie nodig, veel meer dan bij minder complexe vormen van elektriciteitsproductie. De meeste van deze energie wordt opgewekt met fossiele brandstof, waardoor kernenergie indirect veel broeikasgassen oplevert. Recente studies wijzen uit dat kernenergie maar drie keer minder broeikasgas uitstoot dan moderne gasgestookte centrales. De emissies van kernenergie zijn in hoge mate afhankelijk van het percentage uranium in de erts die wordt gebruikt als brandstof. Bij het schaarser worden van uranium zal dit percentage snel dalen.
Als we alle elektriciteit die nu met fossiele brandstof wordt opgewerkt zouden vervangen door kernenergie, dan zou de mondiale uraniumvoorraad binnen 3 à 4 jaar zijn uitgeput. Met snelle kweekreactors had een gesloten cirkel bereikt kunnen worden, een soort perpetuum mobile dat een einde zou maken aan het probleem van de beperkte uraniumvoorraad. Maar ondanks enorme investeringen in onderzoek in de afgelopen decennia zijn kweekreactors een technische en economische mislukking gebleken.
Om de emissies van de publieke energievoorziening te verminderen volgens de doelen van het Verdrag van Kyoto zouden in Nederland 4 nieuwe kerncentrales van de omvang van Borselle nodig zijn. Deze zouden dan gebouwd moeten worden voor het einde van de eerste Kyoto-verdragsperiode 2008-2012. Nog los van de hoge kosten die dit met zich mee zou brengen is het niet erg waarschijnlijk dat dit technisch mogelijk is. De afgelopen 20 jaar zijn wereldwijd maar 15 nieuwe kerncentrales gebouwd.
Het klimaatprobleem is niet opgelost als de hele wereld op kernenergie overstapt. Elektriciteit is slechts één van de vele menselijke activiteiten die broeikasgas veroorzaken. Andere oorzaken van het toenemend broeikasgas in de atmosfeer zijn onder meer transport en verwarming, landbouw, de productie van cement en ontbossing. Elektriciteit is verantwoordelijk voor 9% van de mondiale broeikasgasemissies.
Vele studies hebben aangetoond dat de meest effectieve manier om de broeikasgasemissies te verminderen is om de energievraag te verminderen. Energiescenario’s laten geen duidelijk verband zien tussen CO2-emissies en kernenergie. Het scenario met de laagste emissie is niet datgene waarin het meeste kernenergie wordt gebruikt, maar datgene waarin de groei van de vraag wordt geminimaliseerd.
Er zijn vele alternatieve energiebronnen. De kosten van hernieuwbare bronnen dalen snel: de afgelopen tien jaar is de prijs van windenergie per kilowattuur 50% gedaald en van zonnecellen 30%. De kosten van kernenergie stijgen, ondanks het feit dat kernenergie zwaar gesubsidieerd is in de afgelopen halve eeuw. De kosten van kernenergie zijn niet volledig in de elektriciteitsprijs opgenomen. Ontmantelingskosten vallen in de praktijk meestal hoger uit dan voorzien, en verzekeringsbedragen kennen een limiet dat niet in verhouding staat tot de werkelijke kosten van een grootschalig ongeval met een kerncentrale.
Met de huidige technische kennis is het mogelijk om met hernieuwbare bronnen, zoals zon en wind, in de totale mondiale energiebehoefte te voorzien. Hernieuwbare bronnen hebben veel voordelen. Ze stoten geen broeikasgassen uit en dragen bij aan de diversificatie van de energievoorziening. Ze kunnen ook op lange termijn voor duurzame energie zorgen en zijn bovendien te gebruiken op het platteland van derde wereldlanden, waar aansluiting op het elektriciteitsnet ontbreekt.
Kernenergie kent veel problemen die al bestaan sinds haar introductie en die nog steeds niet zijn opgelost. Er is nog steeds geen eindberging voor hoogradioactief afval. De afgelopen tientallen jaren hebben onderzoekers getracht om de radioactiviteit en de halveringstijd van kernafval te verminderen, de zogenaamde transmutatie. Er bestaat geen enkele garantie dat deze dure onderzoeken ooit succesvol zullen zijn. Transmutatie is bovendien alleen bruikbaar voor toekomstig afval en niet voor het afval uit de huidige kerncentrales.
Hoewel er veel vooruitgang is geboekt op het gebied van veiligheid zijn kerncentrales nog steeds niet inherent veilig. Veiligheidsproblemen komen veelvuldig voor. Naast technische mankementen is het risico van menselijke fouten nooit uit te sluiten. Dit risico zal toenemen nu privatisering en liberalisering van de elektriciteitsmarkt de centrales dwingen tot kostenbesparing en inkrimping van op het personeelsbestand.
Een bijproduct van de meeste kerncentrales is plutonium-239, de grondstof voor kernwapens. Kerncentrales en andere nucleaire installaties kunnen doelwit worden van terroristische aanvallen en radioactief materiaal kan gebruikt worden in ‘vuile bommen’.
In geval van een kernongeluk zijn de gezondheidsrisico’s duidelijk. Blootstelling aan radioactiviteit leidt tot een vergroot risico op genetische afwijkingen, kanker en leukemie. Er zijn ook gezondheidsrisico’s verbonden aan de dagelijkse productie van kernenergie. Werknemers van kerncentrales worden blootgesteld aan laagradioactieve straling.
-----------------------------------------------------------------
Het rapport "Terug via de achterdeur. Kernenergie als oplossing voor klimaatverandering?" is gratis te bestellen bij WISE, postbus 59636, 1040 LC Amsterdam, wiseamster@antenna.nl of hier te downloaden.
| Bijlage | Bestandsgrote |
|---|---|
| 621-22_nl.pdf | 506.71 KB |

