Risico’s van verlengde opening
In 2013 zal de kerncentrale Borssele veertig jaar in bedrijf zijn. Blijft de kerncentrale daarna nog in bedrijf, wordt ook in mondiaal opzicht onbekend terrein betreden. Op dit moment zijn de twee oudste kerncentrales in de wereld beiden pas veertig jaar in bedrijf. Hoe sterk de
veiligheidsrisico’s toenemen door kerncentrales meer dan veertig jaar in bedrijf te houden, valt daarom nu nog niet op basis van praktijkervaringen vast te stellen. Een overzicht van de discussie in de vakliteratuur geeft echter wel redenen tot bezorgdheid. Veroudering van kerncentrales leidt onvermijdelijk tot slijtage van de toegepaste materialen en constructies, met name als gevolg van radioactieve straling, hoge temperaturen, mechanische belasting, corrosie en erosie. Veroudering kan enerzijds leiden tot een toename van het aantal kleinere incidenten in kerncentrales, zoals (kleine) lekkages, barsten, kortsluitingen, etc. Daarnaast kan het geleidelijke verouderingsproces leiden tot het brosser worden van de stalen wand van het reactorvat en de bekleding daaromheen, waardoor het reactorvat uiteindelijk zou kunnen barsten.
Meestal zijn verouderingsprocessen moeilijk op te sporen, omdat ze vaak op microscopisch niveau binnenin de materiaalstructuur ontstaan. Een betrouwbare risico-inschatting met behulp van computermodellen valt eveneens moeilijk te maken, omdat de mechanismen van veroudering nog niet (volledig) bekend zijn. Ook bestaan er geen eenduidige technische
criteria op basis waarvan na inspecties besloten kan worden dat een reactor vanwege veiligheidsrisico's moet sluiten. Bovendien kosten tegenmaatregelen - preventief vervangen van onderdelen, het verminderen van de belasting of frequentere inspecties - veel geld. Binnen een geliberaliseerde elektriciteitsmarkt bestaat er een sterke druk om op dergelijke tegenmaatregelen te bezuinigen.
Ook een vergelijking met andere, oudere kerncentrales van het drukwaterreactor (PWR) type geeft reden tot bezorgdheid. Tot en met 1973 (het jaar dat Borssele operationeel werd)werden wereldwijd 33 PWR-centrales in bedrijf genomen. Van deze oude PWR-centrales zijner inmiddels 12 gesloten en nog 21 in bedrijf. Uit een rondgang langs deze 33 PWRcentrales blijkt dat bij de gesloten centrales sluiting vaak noodzakelijk werd door toenemende veiligheidsrisico’s terwijl bij de PWR-centrales die nog in bedrijf zijn regelmatig ernstige veiligheidsincidenten hebben plaatsgevonden. Om deze centrales in bedrijf te houden blijken regelmatig aanzienlijke investeringen noodzakelijk.
Een specifiek veiligheidsprobleem waar veel PWR-centrales mee te maken hebben (gehad) is corrosie van het reactorvatdeksel. Bij de Davis-Besse kerncentrale in de Verenigde Staten werd in februari 2002 geconstateerd dat er rond een van de tientallen regelstaven die uit het reactorvatdeksel steken, een flink gat was ontstaan in de bekleding van het reactorvat (10 bij 12,5 centimeter groot en 15 centimeter diep). Het gat was zo groot dat alleen de 5 millimeter dikke roestvrij stalen binnenbekleding van het reactorvat nog intact was. Door de hoge druk in het reactorvat was deze stalen wand zelfs bol komen te staan en bijna gebarsten, wat tot een ernstig kernongeluk zou hebben geleid. Het gat in het reactorvatdeksel was veroorzaakt door de corrosieve werking van boorzuur, dat zich samen met koelwater op het reactorvatdeksel had afgezet. Boorzuur wordt toegevoegd aan het koelwater om de hoeveelheid splijtingen in de reactorkern te kunnen reguleren. Gealarmeerd door de gebeurtenissen in de Davis-Besse centrale, hebben de eigenaars van tenminste 26 PWR-centrales in de Verenigde Staten inmiddels besloten tot vervanging van het reactorvatdeksel. Ook in andere landen gaan veel eigenaars van PWR-centrales over tot vervanging van het reactorvatdeksel.
Volgens de criteria van de Amerikaanse nucleaire toezichthouder NRC (Nuclear Regulatory Commission) behoort de kerncentrale Borssele tot de categorie hoogverdachte centrales. In het recente verleden zijn er in Borssele ook verschillende kleine incidenten met boorzuur gmeld. Toch heeft EPZ besloten om het reactorvatdeksel van de kerncentrale Borssele niet te vervangen, omdat het regelstavenmechanisme in Borssele anders is en omdat het reactorvatdeksel van een andere legering is gemaakt dan bij de Davis-Besse centrale. Deze keuze werd ondersteund door een onderzoek dat in februari 2003 door het Internationale Atoom Energie Agentschap (IAEA) werd ingesteld naar de veroudering van de kerncentrale Borssele, met name van het reactorvat. Volgens EPZ is hieruit gebleken dat het regelstavenmechanisme en het reactorvatdeksel in orde zijn.
In hoeverre nucleaire deskundigen in staat zijn om de mogelijke veiligheidsgevolgen van verouderingsprocessen adequaat te beoordelen, staat echter ter discussie. Het probleem dat boorzuurafzettingen bij het regelstavenmechanisme tot corrosie van het reactorvatdeksel van PWR-centrales kunnen leiden, was al sinds 1987 bekend in de nucleaire wereld. Pas toen in 2002 in de Davis-Besse centrale dit probleem tot een bijna-ongeluk leidde, werden er wereldwijd maatregelen genomen. Dit roept de vraag op of er andere verouderingsprocessen zijn die tot op heden als onbelangrijk worden beschouwd, maar die in de toekomst tot een (bijna-)ongeluk zouden kunnen leiden.

.png)


.jpg)