Energie voor ontwikkeling

Stroom is een basisrecht, geen handelswaar

In dit project (2006/7) bekeek WISE het energiebeleid vanuit het belang van arme mensen in het Zuiden, die geen toegang hebben tot betaalbare, duurzame energiediensten. Geen toegang tot energie betekent uitgesloten zijn van moderne communicatiemiddelen, minder kans hebben op ontwikkeling, aangewezen zijn op vuile en soms ongezonde energiebronnen. Niet voor niets heeft toegang tot energie inmiddels een plaats gekregen in de Milleniumdoelen, de VN-agenda ter uitroeiing van extreme armoede. Tegelijkertijd echter is er een wereldwijde tendens om energiemarkten te liberaliseren. Ook wordt geprobeerd om energie onder te brengen onder het GATS-akkoord, waarmee energieliberalisering zelfs verplicht en onomkeerbaar zou worden. WISE keek naar de gevolgen van energieliberalisering in Nederland en in ontwikkelingslanden, en nam het vrijhandelsbeleid van de Europese Unie onder de loep. We zijn de discussie aangegaan met de sector, met consumenten, met de politiek en met ontwikkelings- en milieuorganisaties. We gaven natuurlijk de nucleaire industrie extra aandacht; wat betekent liberalisering voor de toekomst van kernenergie?

townshipIn 2000 kwamen alle landen van de Verenigde Naties de Milleniumdoelen overeen. Daarmee werd een agenda vastgelegd voor de uitroeiing van extreme armoede in de wereld. De Milleniumdoelen richten zich op armoedebestrijding, honger, gezondheidszorg, gelijkheid voor mannen en vrouwen, onderwijs en duurzaamheid. Omdat toegang tot energie een belangrijke voorwaarde is voor ontwikkeling werd op de VN Duurzaamheidstop in 2002 besloten energie speciale aandacht te geven.

Hoe verhoudt deze aandacht voor energie voor ontwikkelingslanden zich met de liberalisering en privatisering van de energiemarkt? Is liberalisering een kans of juist een bedreiging voor de energievoorziening voor de armen in de wereld? En hoe zit het met duurzaamheidsaspecten, met het milieu, met werkgelegenheid?

Met dit project heeft WISE het debat een impuls gegeven, de rol van de verschillende partijen in kaart gebracht, de dilemma's op tafel gekregen, eventuele verschillen tussen de geïndustrialiseerde en de ontwikkelingslanden zichtbaar gemaakt en de belangen van de 2 miljard mensen die geen toegang hebben tot schone en betaalbare energie over het voetlicht gebracht.

Verbeterde toegang tot energie draagt direct bij aan ontwikkeling en armoedebestrijding. Bedrijven en financiele instellingen kunnen daarbij een grote rol spelen. Dat lijkt zelfs onafwendbaar gezien de enorme inspanningen die het zal vergen om echt brede toegang te bewerkstelligen. Veel NGO's vrezen echter dat privatisering leidt tot machtsmisbruik zoals in het geval van water en gezondheidszorg al gebleken is.

Liberalisering van energievoorziening enerzijds en het vergroten van toegang tot energie anderzijds vraagt om stellingname over de rol van het bedrijfsleven en investeerders, de rol van de overheid en van gebruikers/consumenten. Als dat niet gebeurt, is er een grote kans dat de toegang tot energie in marginale en afgelegen gebieden niet verbetert. Of dat vooral de voorkeur wordt gegeven aan niet-duurzame energievormen. Of dat de energie onbetaalbaar wordt. Alleen via een participatieve benadering kan privatisering en liberalisering van de energiesector positief worden benut om te komen tot duurzame en betaalbare, breed toegankelijke energievoorziening.

Stroom is in onze ogen een basisrecht. Het is zeer de vraag of het bedrijfsleven dit recht kan en wil waarborgen. De praktijk is in elk geval in veel gevallen anders, zie de voorbeelden uit andere landen. Energieliberalisering is geen natuurverschijnsel dat als een autonoom, onafwendbaar proces over ons heen komt. Er worden keuzes gemaakt - en er zijn andere keuzes mogelijk!