WISE standpunt met betrekking tot criteria kernenergie.
Inleiding
We werken aan een duurzame energievoorziening die tegelijkertijd schoon, betrouwbaar, veilig en betaalbaar is. Energiebesparing is, ook in de scenario´s van de IPCC en het IEA, verreweg het belangrijkste middel om het energietransitiepad (de periode dat we op weg zijn naar die werkelijk duurzame energievoorziening) te verkorten. Toch ligt het energiebesparingstempo in Nederland nu op slechts 0,7% per jaar1. Het groene energieplan Green4Sure2 heeft aangetoond dat, als maar de juiste instrumenten worden ingezet3, ruim 2% energiebesparing per jaar economisch verstandig is4. Er blijven dus grote kansen onbenut, zowel voor milieu als economie. Het is verstandiger om eerst de vraag naar energie aan te pakken met effectief beparingsbeleid in plaats van (te praten over) het bijbouwen van nieuw fossiel en nucleair productievermogen.
Een interessant uitgangspunt van bv. de SER-commissie Toekomstige Energievoorziening is dat een maximale inspanning wordt geleverd in de sfeer van energie uit hernieuwbare bronnen. Ook aan dit uitgangspunt wordt nu niet voldaan. Nederland bungelt met een aandeel van 2,6% hernieuwbare energie ergens onderaan in Europa. Ook uit het 7e kaderprogramma voor onderzoek en technologische ontwikkeling (FP7) van de Europese Unie blijkt niet dat investeringen in hernieuwbare energie en energiebesparing grote prioriteit krijgen. Kernenergie krijgt bijvoorbeeld € 550 miljoen per jaar subsidie, terwijl hernieuwbare energie en energiebesparing samen slechts de helft daarvan krijgen, namelijk € 224 miljoen FP7-subsidie per jaar.
Dus;
- Eerst moet aantoonbaar het maximale zijn gedaan om de doelstellingen op het gebied van energiebesparing en hernieuwbare energie te realiseren. Beleidsnotities waarbij deze ambities worden uitgesproken zijn daarvoor overduidelijk niet voldoende.
- Het principe 'de vervuiler betaalt' dient te worden toegepast zodat maatschappelijke kosten worden verdisconteert in de prijs.
- De markt bepaalt welke investeringen worden gedaan binnen de randvoorwaarden die de overheid stelt. Subsidies, anders dan voor de ontwikkeling van hernieuwbare bronnen of voor het wegnemen van belemmeringen voor energiebesparing, passen daar niet in.
Mede op basis van het ECN-rapport Fact Finding kernenergie komt WISE tot de volgende conclusies met betrekking tot de criteria schoon, veilig, inpasbaarheid, voorzieningzekerheid en betaalbaarheid:
Schoon en veilig:
- Het ECN-rapport stelt vast dat kernenergie in de huidige technologische vorm niet duurzaam is. Kernenergie is niet schoon omdat het met de huidige stand der techniek leidt tot afval dat 10.000 tot 100.000 jaar gevaarlijk hoogradioactief blijft en daarmee extreem schadelijk is voor mens en natuur. Het ECN rapport toont aan dat er noch in Europa, noch in rest van de wereld een definitieve oplossing voorhanden is voor de eindberging van hoogradioactief afval en het substantieel verkorten van de levensduur van hoogradioactief afval.
- WISE vindt dat in een transitieperiode niet-duurzame energievormen die te grote nadelen hebben moeten worden buitengesloten zolang deze nadelen niet zijn opgelost. Dit geldt voor kernenergie in de huidige vorm, met name maar niet uitsluitend vanwege het afval, proliferatie en veiligheidsprobleem.
- Het ECN-rapport stelt vast dat de CO2-emissies van kernenergie gedurende de levenscyclus van een kerncentrale per kWh vergelijkbaar zijn met die van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. In de toekomst zal de CO2-winst van kernenergie afnemen indien uranium moet worden gewonnen uit laagwaardige uraniumerts en technieken worden toegepast voor het verkorten van de levensduur van hoogradioactief afval.
Inpassing in toekomstige duurzame energievoorziening:
- Het ECN-rapport stelt vast dat door een relatief sterke groei van windvermogen er meer vraag zal ontstaan naar flexibel productievermogen en minder naar basislastvermogen, zoals door een kerncentrale wordt geleverd. Meer kernenergie kan dus nadelig zijn voor uitbreiding van wind- en zonne-energie en een optimale vormgeving van een toekomstige duurzame energievoorziening.
- Gasgestookt vermogen, waaronder industriële warmtekracht-vermogen, is beter regelbaar en kan daarom beter zorgen voor inpassing van hernieuwbare bronnen zoals wind en zon.
- Overheidsinvesteringen in R&D in kernenergie gaat ten koste van subsidie voor hernieuwbare bronnen. Anno 2007 geeft de EU bv. aan energiebesparing en hernieuwbare bronnen de helft van het bedrag dat ze beschikbaar stelt voor kernenergie. Dit is een onwenselijke situatie gezien het onduurzame karakter van kernenergie en het feit dat deze techniek al tientallen jaren langer overheidssteun heeft gehad zonder dat dit heeft geleid tot oplossing van het afvalprobleem en afname van productiekosten.
Betrouwbaarheid; energievoorzieningzekerheid:
- Volgens het monitoringsrapport 2006-2014 van TenneT wordt Nederland vanaf 2008 een netto-exporteur van elektriciteit. Dit komt met name door de nieuw geplande en thans in aanbouw zijnde gas- en kolencentrales. Zelfs als maar 25% van de voorgenomen nieuwbouwprojecten doorgaat blijft volgens TenneT het leveringszekerheidsniveau tot tenminste 2014 op het niveau van de afgelopen jaren.
- Het groene energieplan Green4Sure toont aan dat de afhankelijkheid van fossiele energiebronnen met 20% kan afnemen zonder uitbreiding van kernenergie in Nederland. Het aandeel aardgas is in Green4Sure in 2030 fors lager dan in 2005.
Betaalbaarheid:
- Het ECN-rapport stelt vast dat uitbreiding van kernenergie geen gunstige effecten heeft op de elektriciteitsprijs. Over de sociaal-economische effecten bestaat volgens ECN grote onzekerheid. WISE stelt op basis hiervan vast dat er onvoldoende economische redenen zijn om uitbreiding van kernenergie te bepleiten.
- Over 15 jaar, als een nieuwe kerncentrale op z'n vroegst operationeel kan zijn, kan zonne-energie opgesteld door huishoudens ('achter de meter') concurreren qua prijs met elektriciteit van het net. Decentrale opwekking op grote schaal door micro-WKK en Zon-PV zullen dan de vraag naar basislast vermogen doen afnemen.
- Na een positieve investeringsbeslissing, kan een kerncentrale in Nederland pas tegen het jaar 2023 operationeel zijn. Dit betekent dat de kosten van alternatieve energiebronnen moeten worden vergeleken met investeringen in bronnen die ook in 2023 pas operationeel hoeven te zijn. In de bijlage zijn de kosten van hernieuwbare energie op een rij gezet, uitgaande van het jaar 2020. Uit tabel 1 in de bijlage blijkt dat de kosten van biomassa en wind op land en zee in 2020 vergelijkbaar zijn met de productiekosten van kernenergie. Opvallend is dat de kosten van hernieuwbare bronnen zullen dalen tussen nu en 2020 door leer-effecten, terwijl die van kernenergie gelijk blijven of stijgen door strengere eisen aan veiligheid en milieuprestatie. Eenzelfde trend is te zien bij kolencentrales waar ook voortdurend bijkomende maatregelen getroffen moeten worden om de milieuschade te reduceren (denk aan ontzwavelen, CCS). Verder is van belang dat een nieuwe kernenergiecentrale wordt neergezet voor tenminste 40 jaar, terwijl een windturbine in 15 jaar wordt afgeschreven en een nieuwe nog goedkopere windturbine kan worden geplaatst. Een vergelijking met wind op zee is op zijn plaats omdat beide voorzien in basislast-vermogen en direct met elkaar concurreren.
Duurzaamheidstoets Kernenergie
Het ECN-rapport stelt vast dat kernenergie in de huidige vorm niet duurzaam is. Kernenergie is geen duurzame energiebron, want het is niet hernieuwbaar en problemen met afval en veiligheid zijn niet opgelost.
Om te beoordelen of dit in de toekomst anders kan zijn dient (dan) opnieuw een duurzaamheidstoets te worden uitgevoerd vergelijkbaar met bv. toetsen voor biomassa.
Kernenergie kan volgens WISE geen rol spelen in de overgang naar een duurzame energievoorziening zolang het niet op z'n minst aan de volgende voorwaarden voldoet:
- De geschiedenis leert dat onze samenleving makkelijk eens per paar honderd jaar drasties van karakter en structuur verandert en lange periodes van instabiliteit kent. Het is in onze ogen niet duurzaam en niet (ethisch, financieel, milieutechnisch) verantwoord om toekomstige generaties op te zadelen met afval dat meer dan 100 jaar hoog-radioactief blijft. Al het radioactieve afval dat in de hele kernenergieketen ontstaat moet volledig veilig definitief geborgen kunnen worden. Zolang dat niet het geval is moet er gestopt worden met de productie van kernafval. Radioactief afval uit nieuwe kerncentrales mag maximaal 1 generatie gevaarlijk zijn. De techniek om de gevaarlijke periode van tienduizenden tot 100 jaar terug te brengen leidt tot de noodzaak om een heel nieuwe cyclus (inclusief kweekreactoren) - en industrie op te gaan bouwen. Dat zal honderden miljarden aan nieuwe investeringen vergen EN het probleem van het nu reeds bestaande afval niet oplossen.
- Radioactieve afvalstoffen moeten te allen tijde in een stabiele vorm en onder voortdurende controle worden opgeslagen.
- Nieuwe kernenergie is uitgesloten zolang de kans bestaat dat radioactieve stoffen zich bij een ongeluk buiten het reactorgebouw verspreiden. De reactor moet dusdanig veilig zijn dat het smelten van de reactorkern fysiek onmogelijk wordt, ook als de koeling uitvalt.
- Ongelukken in de rest van de kernenergiecyclus moet zoveel mogelijk worden uitgesloten. De gevolgen van een mogelijk ongeluk mogen zich niet over meerdere jaren kunnen uitstrekken.
- De winning van uranium mag niet leiden tot een verhoogd gezondheidsrisico voor omwonenden en arbeiders. Dit betekent dat de lozing van radioactieve stoffen moet worden gestopt en dat de opslag van uraniumafval niet mag leiden tot verhoogd stralingsrisico voor omwonenden. De verwerking van radioactief afval mag niet leiden tot een verhoogd gezondheidsrisico voor omwonenden en arbeiders. Dit betekent dat de lozing van radioactieve stoffen bij verwerkingsinstallaties moet worden gestopt. Geen van de huidig gangbare methoden voor uraniumwinning voldoet aan deze eis.
- Een terroristische aanslag op een kerncentrale of opslagplaats van radioactief afval mag niet kunnen leiden tot een situatie waarbij radioactieve stoffen zich kunnen verspreiden buiten het reactorgebouw.
- Het risico dat radioactieve materialen uit de kernenergieketen worden gebruikt om terroristische aanslagen te plegen moet uitgesloten zijn.
- Het risico dat de nucleaire technologie, kennis en materialen wordt ingezet om kernwapens te produceren moet uitgesloten zijn.
- Producenten van kernenergie dienen 100% van de korte en lange termijn kosten te betalen en te verdisconteren in de kostprijs van de door hen geleverde kernstroom. Hierbij gaat het om de bedrijfseconomische productiekosten en onder andere de volgende kostenposten: beheer van opslagplaatsen, veiligheid, ontmanteling verzekeringspremies voor ongelukken en eindberging. Deze kosten dienen te worden verdisconteerd in de kostprijs zodat het principe 'de vervuiler betaalt' wordt toegepast.
2 bijlagen:
Noten:
- MNP (2007), Milieubalans 2007.
- Green4Sure is een beleidspakket van instrumenten die het mogelijk maakt om de broeikasgassen in Nederland te halveren in 2030 ten opzichte van 1990. Dit is in lijn met de kabinetsdoelstelling van 30% reductie in 2020. Green4Sure is opgesteld door een onderzoeksconsortium o.l.v. CE Delft in opdracht van de milieuorganisaties Stichting Natuur & Milieu, Greenpeace, Milieudefensie en WNF, alsmede de FNV en AkvaKabo. Zie voor meer informatie www.green4sure.nl
- De instrumentkeuze bepaalt mede de kosten die gemaakt moeten worden om 2% energiebesparing te realiseren. Als het beleid zich vooral richt op technologische efficiencyverbeteringen door onder meer normen, zullen de kosten hoger uitpakken. Het is daarom van belang dat het klimaatbeleid prikkels geeft aan alle mogelijke reductiemaatregelen, inclusief gedragsmaatregelen. Concreet betekent dat niet alleen het beleid bijvoorbeeld de inzet van zuinige auto's stimuleert, maar ook verstandig autogebruik. Een dergelijke bredere prikkel maakt dat de kosten lager uitpakken om de klimaat- en energiedoelen te halen.
- In Green4Sure is gerekend met een olieprijs van 25 euro per vat olie. Thans schommelt deze prijs rond de 80 euro, hetgeen betekent dat nog meer energiebesparingsmaatregelen rendabel worden.
- Een exploitant van kernenergie hoeft zich thans te verzekeren voor schadekosten van maximaal 700 miljoen, terwijl Tsjernobyl tot op heden zo'n 4 miljard heeft gekost. Hoewel de kans op een ramp thans kleiner worden ingeschat, worden de kosten van een kernramp in Nederland veel hoger ingeschat vanwege de dichte bevolking en hogere waarde van economische activiteiten. Als de exploitant deze risico's ook moet dragen wordt kernenergie een stuk duurder. Bij duurzame ontwikkeling hoort het uitgangspunt te zijn dat de investeerder geen kosten afwentelt op de samenleving. Zie voor meer info over externe kosten van kernenergie: CE (2007), "Nieuwe electriciteitscentrale in Nederland, de 'vergeten' kosten in beeld."

.png)


.jpg)